Omdat de vloeren in een erbarmelijke staat verkeerden, moesten sommige tot een diepte van wel 30 mm worden afgeschaafd. Tijdens het schaven kwamen er enkele “verrassingen“ aan het licht. De vloerplaat, die eigenlijk zo’n 15 tot 20 cm dik was, bleek op sommige plekken amper 5 cm dik te zijn.
Dit betekende dat er in de niet-dragende delen moest worden ingesneden en dat de te dunne onderlaag volledig moest worden verwijderd. Nadat deze delen voldoende waren verdiept, werd het oppervlak opgevuld met VELOSIT SC 244 vloeiende dekvloer. In totaal werd 14 ton gebruikt om weer een dragende ondergrond te creëren. Een betonnen constructie zou de installatie van de vloer met weken hebben vertraagd, terwijl VELOSIT SC 244 de volgende dag al klaar is om te worden bedekt.
Vervolgens werd het oppervlak gezandstraald en voorzien van een epoxyharsprimer. Om logistieke redenen werd de zelfnivellerende minerale industriële vloer op basis van VELOSIT SC 253 in twee delen aangebracht.
Met behulp van een GB Machines Mobilman D3 van Waldemar Derksen Estrichbau & Baustoffhandel werd in totaal meer dan 50 ton egalisatiemiddel aangebracht. Vervolgens werd het gehele oppervlak behandeld met VELOSIT FH 921 silicaat/siliconaat-oppervlakteafwerking, wat zorgde voor een nog dichtere en gemakkelijker te reinigen structuur.
The historic buildings, in which airplanes were built in the 1930s, were thus able to retain the charm of the original concrete floor and at the same time meet the requirements of a modern hangar floor.